Brubru
EU-beleidsinteligentie
Gratis proefversie starten
EU Canon / Circulaire Economie en Digitale Productenpaspoorten

De Verordening Bouwproducten: een digitaal paspoort voor alles wat Europa bouwt

Verordening (EU) 2024/3110 is de herziene regelgeving van de EU voor de interne markt in bouwproducten: deuren, isolatie, cement, constructiestaal, bekleding en duizenden andere producten die permanent zijn ingebouwd in gebouwen en werken van utiliteitsbouw. Het vervangt de Verordening Bouwproducten van 2011, voert bindende productvoorschriften in die sinds 1989 niet meer van toepassing waren, zet een nieuwe milieuprestatielaag fase voor fase in, en creëert een speciaal digitaal bouwproductenpaspoort onder Hoofdstuk X.

CELEX 32024R3110 · OJ L, 2024/3110, 18.12.2024 Inwerkingtreding 7 januari 2025 Algemene toepassing 8 januari 2026 Art 114 TFEU
Modern hoogbouw onder aanbouw met een torenkraan tegen een helder lucht
Foto: SHOX ART via Pexels | De kernverplichtingen van Hoofdstuk I-III, vervaardigerstaken, CE-markering, het digitale productenpaspoort, gelden vanaf 8 januari 2026
96
artikelen
Art. 1-96 herzien de vermarktingsregels voor alle bouwproducten op de EU-markt
15
hoofdstukken
Van algemene bepalingen tot noodprocedures voor crisissensitieve producten
11
bijlagen
Lijsten van essentiële kenmerken, productfamilies en beoordelingssystemen; controleer de bijzonderheden via EUR-Lex
8 jan 2026
algemene toepassing
Het grootste deel van de Verordening Bouwproducten 2011, Verordening (EU) nr. 305/2011, wordt dezelfde dag ingetrokken, Art. 94, Art. 96

Overzicht

Wat de Verordening Bouwproducten is, waarom die bestaat en hoe deze is gestructureerd

Een regelboek voor de interne markt, geen set van bouwcodes

De Verordening Bouwproducten is het raamwerk van de EU voor de interne markt in bouwproducten, deuren, isolatie, cement, constructiestaal, bekleding, geprefabriceerde kits en duizenden andere producten die permanent zijn ingebouwd in gebouwen en werken van utiliteitsbouw. Op 27 november 2024 aangenomen, streeft het naar drie onderling samenhangende doelstellingen (Artikel 1): geharmoniseerde regels voor het uiten van veiligheid en milieuprestaties van bouwproducten tegen "essentiële kenmerken", inclusief levenscyclusanalyse; nieuwe milieu-, functie- en veiligheidsproductvoorschriften; en vrij verkeer van conforme producten op de eenheidsmarkt.

Bouwwerken zelf blijven een nationale bevoegdheid: de Verordening Bouwproducten stelt regels voor de producten die daarin worden gebruikt, niet voor de gebouwen of infrastructuur die lidstaten kiezen te bouwen.

De Verordening 2011 vervangen

De Verordening trekt in en vervangt Verordening (EU) nr. 305/2011, op zijn beurt de opvolger van de Richtlijn Bouwproducten van 1989, na een evaluatie door de Commissie in 2019 die aantoonde dat de oude Verordening Bouwproducten ondermaats presteerde op het gebied van normaliseeringssnelheid, consistent markttoezicht en juridische duidelijkheid (considerans 3). De Commissie stelde COM(2022) 144 voor op 30 maart 2022, OEIL 2022/0094(COD), onderdeel van hetzelfde duurzame productenpakket als de Verordening Ecodesign voor Duurzame Producten (ESPR). Het Europees Parlement nam zijn standpunt aan op 10 april 2024, de Raad nam haar besluit op 5 november 2024, en de Verordening werd ondertekend te Straatsburg op 27 november 2024.

Deze werd op 18 december 2024 in het Publicatieblad gepubliceerd als OJ L, 2024/3110 (77 pagina's) en is op 7 januari 2025 in werking getreden, twintig dagen na publicatie, maar alleen voor een voorgeprogrammeerde set bepalingen. De resterende verplichtingen, inclusief de kernverplichtingen van Hoofdstuk I-III voor marktdeelnemers, zijn van toepassing vanaf 8 januari 2026, en worden per productfamilie ingesteld naarmate elke geharmoniseerde technische specificatie verplicht wordt.

Aanvullend op de Verordening Ecodesign voor Duurzame Producten

Considerans 32 en Artikel 12(2) maken de Verordening Bouwproducten de expliciete sectorale tegenhanger van de horizontale Verordening Ecodesign voor Duurzame Producten (EU) 2024/1781 (ESPR). Bouwproducten zijn, met beperkte genoemde uitzonderingen zoals verwarmingstoestellen, boilers, warmtepompen en fotovoltaïsche producten, die primair onder ESPR vallen, onderworpen aan de Verordening Bouwproducten in plaats van het horizontale raamwerk. Waar de twee Verordeningen conflicteren, heeft de Verordening Bouwproducten voorrang.

Één van de 13 wetten in de EU-architectuur voor digitale productenpaspoorten

Anders dan de Verordening Bouwproducten 2011, die alleen prestatieverklaring behandelde, voert de Verordening Bouwproducten 2024 bindende productvoorschriften in die niet sinds de Richtlijn van 1989 voorkwamen, creëert een bouwproducten-specifiek digitaal productenpaspoort, stelt gedetailleerde vereenvoudigde procedureregimes vast voor kmo's en micro-ondernemingen, en herschrijft de verplichtingen van fabrikanten, importeurs, distributeurs, bevoegde vertegenwoordigers, fulfillmentdiensten en online marktplaatsen om uit te lijnen met het nieuwere productregelgevingstemplate van de EU, Verordening (EU) 2019/1020 over markttoezicht, het "Nieuw Regelgevingskader". Hoofdstuk X (Artikelen 75-80) creëert het digitale bouwproductenpaspoort, gebouwd om interoperabel te zijn met het eigen passaportsysteem van ESPR en ingeschreven in hetzelfde door de Commissie beheerde DPP-register, wat de Verordening Bouwproducten tot één van de 13 wetten in Brubru's architectuur voor digitale productenpaspoorten maakt.

Wat de Verordening Bouwproducten beslaat

De vijf bouwstenen van Verordening (EU) 2024/3110

Regelboek
Een herzien regelboek
Vervangt de Verordening Bouwproducten 2011
Behoudt de architectuur van prestatieverklaringen maar voert bindende productvoorschriften in die voor het laatst onder de Richtlijn van 1989 voorkwamen
Naleving
Verklaar en markeer
Hoofdstuk II, Art. 13-19
De prestatie- en conformiteitsverklaring en de CE-markering, de twee pijlers van het aantonen van naleving vóór het op de markt brengen van een product
Milieu
Groene bouwproducten
Art. 15(2)-(3), Bijlage II
Vooraf bepaalde essentiële milieukenmerken, een primeur voor de Verordening Bouwproducten, fase voor fase ingevoerd van 2026 tot 2032
Paspoort
Het bouwproductenpaspoort
Hoofdstuk X, Art. 75-80
Een speciaal digitaal paspoort voor bouwproducten, interoperabel met het ESPR-paspoort en Building Information Modelling
Toeleveringsketen
Verplichtingen in de keten
Hoofdstuk III, Art. 20-30
Gedifferentieerde verplichtingen voor fabrikanten, importeurs, distributeurs, bevoegde vertegenwoordigers en online marktplaatsen

Belangrijkste getallen

De sleutelfiguren uit Verordening (EU) 2024/3110

10 jaar
marktdeelnemers moeten documenten en informatie ter beschikking houden van autoriteiten, na levering
Art. 20(4)
3 werkdagen
termijn voor een fabrikant om onderliggende marktdeelnemers en autoriteiten in kennis te stellen zodra een product een risico vormt
Art. 22(12)
10 jaar
minimale periode dat een fabrikant bepaalde onderdelen beschikbaar moet houden, wanneer een gedelegeerde handeling daar toe vereist
Art. 22(8)
6 / 18 maanden
van de opsteltenende gedelegeerde handeling tot (a) het operationeel zijn van het systeem voor het digitale bouwproductenpaspoort en (b) de toepassing van de vervaardigersplicht voor het digitale paspoort
Art. 80(1)
25 / 10 jaar
totale toegankelijkheid van het systeem voor het digitale bouwproductenpaspoort nadat het laatste product van een type op de markt is gebracht, waarvan de marktdeelnemer het minstens voor deze periode beschikbaar moet houden
Art. 75(2)(i)
8 jan 2027
datum waarop de strafrechtelijke bepalingen van toepassing worden, één jaar na algemene toepassing
Art. 92, Art. 96

Kaart van de hoofdstukken

96 artikelen over 15 hoofdstukken

HoofdstukTitelArtikelen
IAlgemene bepalingen1-12
IIProcedure, verklaringen en markeringen13-19
IIIMarktdeelnemers20-30
IVEuropese beoordelingsdocumenten31-37
VTechnische beoordelingsinstellingen38-41
VIAanmeldingsinstanties en aangemelde instanties42-58
VIIVereenvoudigde procedures59-62
VIIIMarkttoezicht en veiligheidsprocedures63-70
IXInformatieuitwisseling en bestuurlijke samenwerking71-74
XDigitaal productenpaspoort75-80
XIInternationale samenwerking81
XIIPrikkels en openbare aanbestedingen82-83
XIIIRegelgeving van producten84
XIVNoodprocedures85-88
XVSlotbepalingen89-96

Algemene bepalingen (Hoofdstuk I, Art. 1-12)

Toepassingsgebied, 64 gedefinieerde termen en het normalisatiesysteem achter geharmoniseerde technische specificaties

Toepassingsgebied en definities (Art. 2-3)

Artikel 2 paste de Verordening toe op bouwproducten, inclusief gebruikte producten, sleutelonderdelen en materialen die een fabrikant vrijwillig indient. Het sluit liften en roltraphallen (Richtlijn 2014/33/EU) en aspecten van drinkwaterkwaliteit (Richtlijn (EU) 2020/2184) uit. Artikel 3 stelt 64 gedefinieerde termen vast, inclusief bouwproduct, op de markt brengen versus beschikbaarstellen op de markt, essentiële kenmerken, productvoorschrift, sleutelonderdeel, kit, gebruikte en opnieuw vervaardigde producten, en geharmoniseerde technische specificaties.

Het normalisatiesysteem (Art. 4-11)

Artikel 4 stelt de Deskundigenwerkgroep Verordening Bouwproductenin, die een rollend driejarig werkprogramma voor geharmoniseerde technische specificaties ondersteunt, waarbij het eerste programma op 8 januari 2026 moet worden ingediend. De primaire route is geharmoniseerde normen voor prestaties (Artikel 5): de Commissie verzoekt Europese normalisatieorganisaties normen op te stellen, waarna zij conform normen verplicht maakt via een uitvoeringsbesluit.

Artikel 6 biedt een terugvalmechanisme: wanneer een normaliseringsverzoek is afgewezen, een norm niet binnen drie jaar is afgeleverd, of een afgeleverde norm niet voldoet, en geen verplichte norm vijf jaar heeft bestaan, kan de Commissie essentiële kenmerken rechtstreeks stellen, met normalisering voorbij. Artikel 7 laat de Commissie "gedelegeerde handelingen vaststellen die bindende productvoorschriften"instellen bindende productvoorschriften vaststellen zodra een productfamilie wordt gedekt door een norm of Artikel 6-handeling. Artikel 11 definieert de resulterende geharmoniseerde zone: daarbinnen kunnen lidstaten geen aanvullende nationale vereisten opleggen, hoewel zij volledige bevoegdheid behouden over het ontwerp en de bemeting van bouwwerken zelf.

Verklaring en CE-markering (Hoofdstuk II, Art. 13-19)

De prestatie- en conformiteitsverklaring, haar uitzonderingen, en de CE-markeringsregels

De prestatie- en conformiteitsverklaring, DPC (Art. 13, 15-16)

Artikel 13 vereist dat een fabrikant vóór het op de markt brengen van een product dat onder een geharmoniseerde technische specificatie valt, een DPC opmaakt, volgens het toepasselijke beoordelings- en verificatiesysteem in Bijlage IX. Door deze op te stellen aanvaardt de fabrikant contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid voor de verklaard prestaties. De DPC gebruiken het model in Bijlage V, verklaart prestaties tegen essentiële kenmerken, bevestigt naleving van toepasselijke productvoorschriften, en moet de milieukenmerken van duurzaamheid in Bijlage II dekken op het gefaseerde schema in Artikel 15(3). Het kan elektronisch of op een website worden geleverd, mits de inhoud onveranderbaar, mens- en machinevriendelijk leesbaar, gratis toegankelijk en gekoppeld aan het product via zijn unieke identificatiecode is.

Uitzonderingen (Art. 14)

Individueel vervaardigde of naar maat gemaakte producten geïnstalleerd in één geïdentificeerd bouwwerk onder nationaal toezicht, en producten vervaardigd uitsluitend voor restauratie van erfgoed in een niet-serieproces, vereisen geen DPC. Fabrikanten die aan deze criteria voldoen, kunnen zich in plaats daarvan inschrijven voor de vereenvoudigde procedure onder Artikel 61.

De CE-markering (Art. 17-19)

De CE-markering is de enige markering toegestaan om prestaties tegen essentiële kenmerken en naleving van de Verordening aan te tonen; zij mag alleen worden aangebracht waar een DPC bestaat, en zij moet ook op sleutelonderdelen worden aangebracht. Artikel 18 stelt de vereiste inhoud vast: de laatste twee cijfers van het jaar van aanbrenging, naam en adres van de fabrikant, de unieke identificatiecode van het producttype, de verklaringscode van de DPC, het identificatienummer van de aangemelde instantie waar van toepassing, en, waar een digitaal productenpaspoort beschikbaar is, een verbindingsgegevensdrager. Andere markeringen, inclusief erkende EN ISO 14024 Type I milieukeurmerkingen, mogen alleen worden aangebracht als zij de zichtbaarheid van de CE-markering niet aantasten of een alternatieve beoordelingsmethode impliceren.

Marktdeelnemers (Hoofdstuk III, Art. 20-30)

Gedifferentieerde verplichtingen voor elke actor in de toeleveringsketen van bouwproducten

Alle marktdeelnemers (Art. 20)

Elke marktdeelnemer moet alle noodzakelijke maatregelen nemen om voortdurende naleving te waarborgen, stroomopwaartse leveranciers en stroomafwaartse ontvangers op verzoek identificeren, documenten en informatie gedurende 10 jaar na levering bijhouden, communicatiekanalen voor consumenten voor ongelukken of incidenten verstrekken, en onmiddellijk bevoegde autoriteiten informeren wanneer een niet-conform product een gezondheids-, veiligheids- of milieurisico vormt.

Fabrikanten (Art. 21-22)

Fabrikanten bepalen het producttype, beoordelen prestaties tegen essentiële kenmerken en productvoorschriften, stellen technische documentatie en de DPC op, brengen CE-markering aan, onderhouden fabricageprocessuscontrole, verstrekken instructies en veiligheidsinformatie in de vereiste taal, stellen het digitale productenpaspoort beschikbaar op het Artikel 80-schema, zorgen ervoor dat bepaalde onderdelen beschikbaar blijven voor 10 jaar waar vereist, en, wanneer een product een risico vormt, stellen zij binnen onderliggende marktdeelnemers en autoriteiten in kennis drie werkdagen, teruggekeerd en ingetrokken op hun eigen kosten als het risico ernstig is. Een persoon die een product 3D-print en op de markt brengt, aanvaardt volledige vervaardigersverplichtingen.

Importeurs, distributeurs, bevoegde vertegenwoordigers (Art. 23-26)

Bevoegde vertegenwoordigers handelen alleen onder een schriftelijk mandaat, houden de DPC en technische documentatie beschikbaar, en controleren op documentair niveau of CE-markering en etikettering in orde zijn. Importeurs brengen alleen conforme producten op de markt, controleren technische documentatie, CE-markering en beschikbaarheid van DPC vóór doen, en voegen hun eigen contactgegevens toe. Distributeurs controleren CE-markering, etikettering en de DPC vóór het ter beschikking stellen van een product, en nemen corrigerende maatregelen indien een product vermoedelijk niet-conform is. Een importeur of distributeur wordt onderworpen aan volledige vervaardigersverplichtingen wanneer zij een product onder hun eigen naam op de markt brengen, het wezenlijk wijzigen, of het aangeprezen gebruik ervan wijzigen, en dit strekt zich automatisch uit tot ieder die een gebruikte of opnieuw vervaardigde product op de markt brengt.

Fulfillmentdienstaanbieders en online marktplaatsen (Art. 27-29)

Voor het eerst onder de Verordening Bouwproducten, fulfillmentdienstaanbieders moeten ervoor zorgen dat CE-markering, de DPC en productinformatie het product vergezellen, en dat opslag- en verzendvoorwaarden de naleving niet in gevaar brengen. Online marktplaatsen moeten hun interface zo ontwerpen dat marktdeelnemers aan verplichting van de Wet op Digitale Diensten kunnen voldoen, één contactpunt voor nationale autoriteiten onderhouden, en handelen op orders om niet-conforme vermeldingen te verwijderen. Een aanbod wordt geacht gericht te zijn op EU-klanten, en dus "beschikbaar gesteld op de markt", wanneer het de valuta van een lidstaat, een EU-verwijzend domein gebruikt, of naar een lidstaat verzendt, tenzij de marktdeelnemer de EU-markt expliciet uitsluit (Art. 29).

Beoordelingsinfrastructuur (Hoofdstukken IV-VII, Art. 31-62)

Europese beoordelingsdocumenten, technische beoordelingsinstellingen, aangemelde instanties en vereenvoudigde procedures voor kmo's

Europese beoordelingsdocumenten en technische beoordelingsinstellingen (Hoofdstukken IV-V, Art. 31-41)

Voor producten die niet, of nog niet, onder geharmoniseerde normen vallen, biedt een Europees beoordelingsdocument (EAD), ontwikkeld door een technische beoordelingsinstelling (TAB), de referentie voor een individuele Europese technische beoordeling (ETA), een alternatieve route naar CE-markering. TAB's worden aangewezen, bewaakt en gecoördineerd door de aanwijzingsautoriteit van hun lidstaat.

Aanmeldingsinstanties en aangemelde instanties (Hoofdstuk VI, Art. 42-58)

Hoofdstuk VI, het langste van de Verordening Bouwproducten, stelt aanmelding, eisen aan aanmeldingsinstanties en aangemelde instanties, uitbestedingsregels, de aanvraag- en aanmeldingsprocedure, en operationele en informatieverplichtingen vast, samen met coördinatie tussen aangemelde instanties in de hele Unie.

Vereenvoudigde procedures voor kmo's en micro-ondernemingen (Hoofdstuk VII, Art. 59-62)

Hoofdstuk VII consolideert de flexibiliteit van de Verordening Bouwproducten voor kmo's, in antwoord op considerans 79's bevinding dat de vereenvoudigingsbepalingen van de Verordening Bouwproducten 2011 "often remained misunderstood or not used". Elke fabrikant mag typetesten of berekening vervangen door een technisch-documentatieverklaring in gedefinieerde gevallen (Art. 59); een micro-onderneming mag typetesten onder Beoordelingssysteem 3 vervangen door gelijkwaardige gegevens (Art. 60); fabrikanten van naar maat gemaakte niet-serieproducten kunnen gelijkwaardige gegevens voor volledige beoordeling substitueren (Art. 61); en een aangemelde instantie mag de beoordeling van een andere aangemelde instantie erkennen van dezelfde marktdeelnemer of gedeelde leverancier, een mechanisme dat ook dupliceren testen onder ESPR voorkomen (Art. 62).

Markttoezicht en samenwerking (Hoofdstukken VIII-IX, Art. 63-74)

Een klachtenportaal van de Commissie, nationale handhaving, kostenherstel en grensoverschrijdende coördinatie

Klachtenportaal en nationale handhaving (Art. 63-67)

Artikel 63 creëert een door de Commissie beheerd klachtenportaal waarmee elke persoon vermoedeonde niet-naleving kan melden. Elke lidstaat wijst minstens één bevoegde markttoezichtsautoriteit en een enkel contactpunt aan (Art. 64). Wanneer niet-naleving is bevestigd, eist de autoriteit corrigerende maatregelen, intrekking of terugroeping binnen een redelijke termijn (Art. 65); een nationale beperkende maatregel wordt geacht gerechtvaardigd als er geen bezwaar wordt ingesteld binnen twee maanden. Wanneer een lidstaat of de Commissie bezwaar maakt, loopt de beveiligingsprocedure van de Unie op verdere twee-maandse overleg- en aannamecycli (Art. 66), en zelfs een conform product kan worden vereist om te worden aangepast of ingetrokken wanneer het een gezondheids-, veiligheids- of milieurisico vormt (Art. 67).

Coördinatie, kostenherstel en benchmarking (Art. 68-70)

De administratieve samenwerkingsgroep (ADCO) organiseert gezamenlijke toezichtprojecten, gemeenschappelijke training en handhavingsrichtlijnen (Art. 68). Markttoezichtsautoriteiten kunnen de gerechtvaardigd kosten van documentinspectie en fysieke testen bij niet-conforme marktdeelnemers terugvorderingen (Art. 69). Elke vier jaar publiceert de Commissie een verslag over uitgevoerde controles, niet-nalevingsniveaus en opgelegde straffen, waarvan het eerste op 9 januari 2030 moet worden gepubliceerd (Art. 70), als reactie op de bevinding uit de evaluatie van 2019 dat de kwaliteit van markttoezicht sterk varieerde tussen lidstaten.

Informatieuitwisseling en bestuurlijke samenwerking (Hoofdstuk IX, Art. 71-74)

Hoofdstuk IX stelt het informatie- en communicatiesysteem vast dat geharmoniseerde besluitvorming tussen lidstaten ondersteunt, het netwerk van nationale productcontactpunten voor bouw, trainingsverplichting, en gedeelde implementatierollen tussen lidstaten.

Het digitale bouwproductenpaspoort (Hoofdstuk X, Art. 75-80)

Het structureel nieuwste element van de Verordening Bouwproducten, geheel afwezig uit de Verordening Bouwproducten 2011

Het systeem en zijn inhoud instellen (Art. 75-76)

Artikel 75 vereist dat de Commissie een gedelegeerde handeling aanneemt die een speciaal systeem voor het digitale bouwproductenpaspoort instelt, opgebouwd om compatibel en interoperabel te zijn met het digitale productenpaspoort van ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) zonder interoperabiliteit met Building Information Modelling (BIM) in gevaar te brengen. Artikel 76 stelt zijn inhoud vast: de DPC en haar bijbehorende REACH-documentatie, algemene productinformatie en veiligheidsinstructies, technische documentatie, het milieuduurzaamheidslabel, unieke identificatoren, en de gegevensdragers van sleutelonderdelen die zelf een paspoort dragen. Het moet zijn verbonden met een gegevensdrager, gratis toegankelijk voor marktdeelnemers, klanten, gebruikers en autoriteiten, met gedifferentieerde toegangsniveaus.

Technische vereisten en schema (Art. 78, 80)

Artikel 78 stelt essentiële technische vereisten vast: volledige interoperabiliteit tussen paspoorten, gratis gemakkelijke toegang volgens toegangsrechten, bescherming van handelsgeheimen en persoonlijke gegevens, geen persoonsgegevens van eindgebruikers zonder expliciete GDPR-toestemming, gegevensauthenticatie en beveiliging, en voortdurende beschikbaarheid, inclusief via een back-upsysteem, zelfs na de insolvabiliteit van de creërende marktdeelnemer.

Onder Artikel 80, moet het systeem volledig operationeel zijn zes maanden nadat de gedelegeerde handeling van Artikel 75(1) in werking treedt, en de vervaardigersplicht om een paspoort beschikbaar te stellen, geldt vanaf achttien maanden nadat dezelfde handeling, met vrijwillig gebruik toegestaan in de tussentijd. Het systeem moet toegankelijk blijven voor 25 jaar nadat het laatste product van een bepaald type op de markt is gebracht, waarbij de marktdeelnemer het paspoort minstens voor 10 jaar van die periode beschikbaar moet houden. Op het moment van dit lezen was de gedelegeerde handeling van Artikel 75(1) nog niet aangenomen, dus waren deze termijnen nog niet gestart; behandel elke specifieke kalenderdatum voor verplicht gebruik van het digitale bouwproductenpaspoort als indicatief totdat deze handeling wordt aangenomen.

Milieuduurzaamheid (Art. 7, 15, 22, 83, Bijlage II)

Een nieuwe laag die niet onder de Verordening Bouwproducten 2011 bestond, gekoppeld aan de Europese Groene Pact en het Actieplan voor de Circulaire Economie

Vooraf bepaalde essentiële milieukenmerken (Art. 15(2)-(3), Bijlage II)

Fabrikanten moeten verplichte levenscyclusgebaseerde milieukenmerken berekenen met gebruikmaking van gratis software gepubliceerd door de Commissie, gebaseerd op Europese norm EN 15804 methodologie, en deze in de DPC verklaren. Artikel 15(3) voert de verplichting op drie data in: Punten (a)-(d) van Bijlage II vanaf 8 januari 2026, punten (e)-(m) vanaf 9 januari 2030, en punten (n)-(s) vanaf 9 januari 2032. De nauwkeurige kenmerken achter elke letter zijn alleen bijlage-inhoud; controleer tegen de huidige geconsolideerde Bijlage II voordat u bepaalde kenmerken koppelt aan een bepaalde fasering.

Bindende productvoorschriften (Art. 7, Bijlage III)

Zodra een gedelegeerde handeling voor een productfamilie wordt aangenomen, moeten producten bindende functionaliteit-, veiligheids- en milieubesch voorschriften naleven vóór het op de markt brengen, niet alleen prestaties verklaren, waardoor het "declare and let the market decide"-model van de Verordening Bouwproducten 2011 wordt omgekeerd.

Circulariteit, hergebruik en onderdelen (Art. 22(8))

De Commissie kan fabrikanten verplichten bepaalde onderdelen beschikbaar te houden, tegen een redelijke, niet-discriminatoire prijs, binnen een redelijk korte leveringstermijn, gedurende 10 jaar nadat het laatste product van dat type op de markt is gebracht. Specifieke geharmoniseerde technische specificaties kunnen zich uitstrekken tot gebruikte en opnieuw vervaardigde producten, en opnieuw vervaardigde producten profiteren van een milieueffectberekening die pas begint vanaf de laatste uitzetting van het product, niet van originele grondstofwinning.

Groene openbare aanbestedingen (Art. 83)

De Commissie moet gedelegeerde handelingen vaststellen die verplichte minimale milieudenaamhoudingsvereisten voor openbare contracten onder Richtlijnen 2014/24/EU en 2014/25/EU bepalen, bruikbaar als technische specificaties, selectiecriteria, contractuitvoeringsclausules of gunningscriteria, met de eerste effectbeoordeling die op 31 december 2026 moet starten. EU-openbare aanbestedingen vertegenwoordigen ongeveer 14% van het BBP van de Unie, wat de vraagzijde-hefboom onderstreept die dit creëert (considerans 98).

Slotbepalingen en intrekking (Hoofdstukken XI-XV, Art. 81-96)

Internationale samenwerking, prikkels, noodprocedures en de gefaseerde intrekking van de Verordening Bouwproducten 2011

Internationale samenwerking, prikkels en noodprocedures (Hoofdstukken XI-XIV, Art. 81-88)

Artikel 81 behandelt samenwerking met derde landen en internationale organisaties. Hoofdstuk XII laat lidstaten hoog presterende producten stimuleren en vereist minimale milieudenaamhoudingsvereisten in groene openbare aanbestedingen (Art. 83). Hoofdstuk XIII geeft de Commissie macht om bij uitvoeringsbesluit te bepalen of een item een "product" onder de Verordening is (Art. 84). Hoofdstuk XIV prioriteert beoordeling, verificatie en markttoezicht voor crisissensitieve bouwproducten tijdens een noodsituatie op de interne markt (Art. 85-88).

Gedelegeerde en uitvoeringsbevoegdheden (Art. 89-90)

De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen aan te nemen wordt aan de Commissie verleend voor vijf jaar vanaf 7 januari 2025, stilzwijgend vernieuwd tenzij het Parlement of de Raad minstens drie maanden voor het vervaldatum bezwaar indient. De Commissie wordt bijgestaan door de Commissie Bouwproducten; de meeste uitvoeringshandelingen volgen de adviserende procedure, terwijl het terugvalmechanisme voor normalisering, gemeenschappelijke specificaties en regelgeving-statusbepalingen de onderzoeksprocedure volgen, waarbij spoedgevallen onmiddellijk toepasselijke handelingen veroorzaken.

Straffen, beoordeling en inwerkingtreding (Art. 92-93, 96)

Lidstaten moeten werkzame, evenredige en afschrikwekkende straffen vaststellen, kennisgeving aan de Commissie door 8 december 2026, van toepassing vanaf 8 januari 2027. De Verordening is op 7 januari 2025 in werking getreden voor een voorgeprogrammeerde set bepalingen, met de rest van toepassing vanaf 8 januari 2026 (Art. 96).

De gefaseerde intrekking van de Verordening Bouwproducten 2011 (Art. 94-95)

Artikel 94 trekt Verordening (EU) nr. 305/2011 in met ingang van 8 januari 2026, behalve een gedefinieerde subset van haar Artikelen en Bijlagen III en V, die van kracht blijven tot 8 januari 2040. Artikel 95 overbrugt de overgang: contactpunten voor producten, TAB's en aangemelde instanties aangewezen onder de oude Verordening Bouwproducten worden geacht aangewezen te zijn onder de nieuwe, maar moeten worden herbeoordeeld door 8 januari 2030; oude-Verordening Europese beoordelingsdocumenten blijven geldig tot 9 januari 2031, waarbij vermarktingsgevallen onder resulterende ETA's afsluiten op 9 januari 2036; en verplichtingen van Hoofdstuk I-III worden per productfamilie ingesteld, één jaar nadat de relevante uitvoeringsbesluit, tenzij een later datum is gespecificeerd.

Sleuteldefinities (Art. 3)

Artikel 3 bevat 64 gedefinieerde termen. De belaste concepten die de rest van de Verordening bepalen:

CPR 2024 versus de CPR 2011

Verordening (EU) 2024/3110 versus Verordening (EU) nr. 305/2011, de Verordening die zij intrekt

Eigenschap CPR 2024 (Verordening (EU) 2024/3110) CPR 2011 (Verordening (EU) nr. 305/2011)
Productvoorschriften Voert bindende functionaliteit-, veiligheids- en milieuvoorschriften opnieuw in via gedelegeerde handeling, Art. 7 Alleen prestatiesverklaring, geen bindende productvoorschriften sinds de Richtlijn van 1989 werd ingetrokken
Milieulaag Verplichte vooraf bepaalde essentiële milieukenmerken, gefaseerd 2026/2030/2032, Bijlage II Geen essentiële milieukenmerken
Digitaal productenpaspoort Hoofdstuk X, Art. 75-80, creëert een speciaal digitaal bouwproductenpaspoort Er bestond geen gelijkwaardig
Normalisatievertraging Het terugvalmechanisme van Artikel 6 laat de Commissie essentiële kenmerken rechtstreeks stellen waar normen niet aankomen Geen gelijkwaardig terugvalmechanisme, normalisering kan onbepaald vastlopen
E-commerce en fulfillment Expliciete verplichtingen voor fulfillmentdienstaanbieders en online marktplaatsen, Art. 27-29 Niet behandeld
Vereenvoudiging voor kmo's Hoofdstuk VII codifieert vervanging van testen, het regime voor micro-ondernemingen, maatgewerkte producten en onderlinge erkenning Gelijkwaardige bepalingen bestonden maar waren, per considerans 79, "often misunderstood or not used"
Markttoezicht Klachtenportaal van de Commissie, kostenherstel, vier-jaarlijkse benchmarking, Art. 63, 69-70 Kwaliteit markttoezicht varieerde sterk tussen lidstaten, geen klachtenportaal
Intrekking en overgang Gefaseerde intrekking van de Verordening Bouwproducten 2011 tot 8 januari 2040, Art. 94 Trok de Richtlijn van 1989 rechtstreeks in bij inwerkingtreding

Dezelfde architectuur, een zwaarder regelboek

De Verordening Bouwproducten 2024 behoudt de kernarchitectuur van de Verordening 2011, prestatieverklaring, CE-markering, geharmoniseerde normen, aangemelde instanties, maar voegt de elementen toe die een decennium implementatie-ervaring en de Europese Groene Pact onvermijdelijk hebben gemaakt: bindende productvoorschriften, een milieuprestatielaag, een digitaal productenpaspoort, en een sterker e-commerce- en markttoezichtregime.

Juridische afstamming en familie

Van de Richtlijn Bouwproducten 1989 tot de zusters van de Verordening Bouwproducten in de circulaire economie

1989
Richtlijn 89/106/EEG van de Raad, de oorspronkelijke Richtlijn Bouwproducten.
9 maart 2011
Verordening (EU) nr. 305/2011 aangenomen, waarbij de Richtlijn Bouwproducten werd ingetrokken en het prestatiesverklaringsmodel werd geïntroduceerd.
2019
Evaluatie door de Commissie toont aan dat de Verordening Bouwproducten 2011 ondermaats presteerde op normaliseeringssnelheid en markttoezichtconsistentie.
December 2019
Europese Groene Pact mededeling stelt de overkoepelende duurzaamheidsstrategie vast die de herziene Verordening Bouwproducten ondersteunt.
10 maart 2020
Actieplan voor de Circulaire Economie kondigt het voornemen aan de Verordening Bouwproducten te herzien.
10 maart 2021
Resolutie van het Europees Parlement over implementatie van de Verordening Bouwproducten 2011 vraagt om een duurzaamheidsgerichte herziening.
30 maart 2022
Voorstel van de Commissie COM(2022) 144, OEIL 2022/0094(COD), onderdeel van hetzelfde duurzame productenpakket als het ESPR-voorstel.
10 april 2024 / 5 november 2024
Standpunt van het Europees Parlement / Besluit van de Raad.
27 november 2024
Verordening Bouwproducten (herziene versie 2024) ondertekend te Straatsburg.
13 juni 2024
ESPR, Verordening (EU) 2024/1781, aangenomen, het zuster-circulaire-economie- en digitale-productenpaspoort-raamwerk waarvoor de Verordening Bouwproducten is opgesteld om compatibel en ondergeschikt te zijn, voor genoemde productgroepen.
11 april 2024
Verordening Kritieke Grondstoffen, Verordening (EU) 2024/1252, aangenomen, waarvan het gerecycled-inhoud- en herkomstframework een upstream-invoer is voor verklaringen van milieudenaamhouding van bouwproducten.

Woordenlijst

Belaste termen zoals gebruikt in Verordening (EU) 2024/3110

Bouwproduct
Elk gevormde of vormloze fysieke artikel, inclusief 3D-geprinte producten, of een kit, op de markt gebracht voor permanente inbouw in bouwwerken (Art. 3(1)).
Geharmoniseerde technische specificatie
De parapluterm voor prestatiegeharmoniseerde normen, terugvaluitvoeringshandelingen en gerelateerde gedelegeerde handelingen die samen de essentiële kenmerken en beoordelingsmethode van een productfamilie bepalen (Art. 3(42)).
Prestatie- en conformiteitsverklaring (DPC)
De verplichte verklaring van de fabrikant over de prestaties van een product tegen zijn essentiële kenmerken en zijn naleving van toepasselijke productvoorschriften, opgesteld vóór het op de markt brengen van het product (Art. 13, Art. 15, Bijlage V).
Beoordeling en verificatie van constante prestatie
Een van de in Bijlage IX genummerde systemen die bepalen welke combinatie van zelfbeoordeling van de fabrikant en derde-partie-taken van aangemelde instanties van toepassing is op een bepaald essentieel kenmerk of productvoorschrift (Art. 10).
Essentiële kenmerken
Kenmerken van een product die betrekking hebben op de basisvereisten van Bijlage I voor bouwwerken, plus de vooraf bepaalde essentiële milieukenmerken van Bijlage II (Art. 3(7)).
Europees beoordelingsdocument (EAD)
Het referentiedocument ontwikkeld door een technische beoordelingsinstelling dat de route buiten geharmoniseerde normen levert; de Europese technische beoordeling (ETA) is de individuele beoordeling uitgevoerd tegen het (Art. 3(18)-(19), Hoofdstuk IV).
Technische beoordelingsinstelling (TAB)
Een instantie aangewezen door een lidstaat om Europese technische beoordelingen uit te geven op basis van Europese beoordelingsdocumenten (Art. 3(57), Hoofdstuk V).
Aangemelde instantie
Een conformiteitsbeoordelinginstantie gemachtigd en aangemeld om derde-partie-beoordelings-, verificatie- en valideringsvraagstukken uit te voeren onder de Verordening (Art. 3(55), Hoofdstuk VI).
Digitaal productenpaspoort
Het record op productniveau, toegankelijk via een gegevensdrager, bundeling van de DPC, productinformatie, technische documentatie en etikettering voor een bouwproduct, gehost in het systeem opgezet onder Artikel 75 (Art. 75-76).
Vooraf bepaalde milieuvoorschriften
Verplichte levenscyclusgebaseerde essentiële milieukenmerken in Bijlage II, berekend met gratis Commissie-software en gefaseerd van 2026 tot 2032 (Art. 15(3)).
Basisvereisten voor bouwwerken
De categorieën van Bijlage I, brandveiligheid, mechanische weerstand, hygiëne, gezondheid en milieu, toegankelijkheid, energiebesparing en warmtebehoud, duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen, die producten aan bouwwerken koppelen maar geen directe verplichting scheppen voor marktdeelnemers of lidstaten (considerans 113).
Marktdeelnemer
De parapluterm voor fabrikant, bevoegde vertegenwoordiger, importeur, distributeur, fulfillmentdienstaanbieders en online marktplaats, elk met gedifferentieerde verplichtingen onder Hoofdstuk III.

Wetgevingstijdlijn

Van de Richtlijn 1989 tot de uiteindelijke intrekkingsdatum 2040

1989
Richtlijn Bouwproducten, Richtlijn 89/106/EEG van de Raad.
2011
Verordening (EU) nr. 305/2011, de eerste Verordening Bouwproducten.
30 maart 2022
Voorstel van de Commissie COM(2022) 144, OEIL 2022/0094(COD).
27 november 2024
Verordening Bouwproducten ondertekend door het Europees Parlement en de Raad.
18 december 2024
Gepubliceerd in OJ L, 2024/3110 als Verordening (EU) 2024/3110.
7 januari 2025
Inwerkingtreding voor de voorgeprogrammeerde bepalingen, twintig dagen na OJ-publicatie, Art. 96.
8 januari 2026
Algemene toepassing van de resterende bepalingen; het grootste deel van Verordening (EU) nr. 305/2011 dezelfde dag ingetrokken.
8 januari 2027
Bepalingen over straffen van toepassing, Art. 92.
8 januari 2040
Uiteindelijke intrekking van de resterende overgangsbepalingen van Verordening (EU) nr. 305/2011, Art. 94.

Officiële bronnen

Primaire bronnen voor Verordening (EU) 2024/3110

EUR-Lex: wet Verordening Bouwproducten

Volledige tekst van Verordening (EU) 2024/3110 van 27 november 2024 (15 hoofdstukken, 96 artikelen, Bijlagen I tot XI):

https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX:32024R3110

CELEX-nummer: 32024R3110 | OJ-referentie: OJ L, 2024/3110, 18.12.2024

OEIL: wetgevingsprocedure-bestand

De volledige medeberadings-proceduregeschiedenis, inclusief commissieraadstegingen, triloogmijlpalen en de tekst op elke lezing:

https://oeil.secure.europarl.europa.eu/oeil/en/procedure-file?reference=2022/0094(COD)

Procedureverwijzing: 2022/0094(COD). Voorstel van de Commissie: COM(2022) 144, 30 maart 2022.

DG GROW: Verordening Bouwproducten

De landingspagina van het beleidsvoorstel van de Europese Commissie voor de Verordening Bouwproducten, behorende tot geharmoniseerde normen, het werkprogramma en implementatierichtlijnen, zoals gepubliceerd:

https://single-market-economy.ec.europa.eu/sectors/construction/construction-products-regulation-cpr_en


Verken de Verordening Bouwproducten met Brubru

Zes tools om de Verordening Bouwproducten en EU-bouwproductenwetgeving te analyseren, volgen en ermee te werken

Brubru Chat
Stel vragen over de Verordening Bouwproducten: welke verplichtingen voor economische operators op uw rol van toepassing zijn, wanneer de plicht voor het digitale bouwproductenpaspoort begint, of hoe het fasering-schema voor de essentiële milieukenmerken eruitziet. Antwoorden gegrond in officiële bronnen.
Chat openen
EU Law Comply
Voer een nalevings-opstellingsanalyse uit voor de Verordening Bouwproducten: DPC- en CE-markeringsverplichting, documentbewaarplicht, de drie-werkdag waarschuwingstermijn voor risico's, en strafblootstelling per economische-operator-rol.
EU Law Comply openen
Brubru Databases
Doorzoek de CELEX-kaart en dieptekaart voor de Verordening Bouwproducten in één keer, samen met de ESPR, de Batterij-verordening, en naburige circulaire-economie- en digitale-productenpaspoort-wetgeving.
Databases openen
Amendator & Positie-analyse
Laad Verordening (EU) 2024/3110 in de Amendator om wijzigingstaalteksten op te stellen tegen de officiële EUR-Lex-tekst, of volg belangen van belanghebbenden in de openstaande gedelegeerde handelingen onder Hoofdstuk X.
Amendator openen
Regelgeving Scan
Scan het juridische corpus van Brubru naar elke aangenomen wet relevant voor een fabrikant, importeur of distributeur van bouwproducten, en zie hoe de Verordening Bouwproducten ernaast past REACH, de CRMA en ESPR.
Voer een Scan uit
Sitemap-zoekopdracht
Zoek elke Brubru-pagina, gids en API-eindpunt die naar de Verordening Bouwproducten, essentiële kenmerken, of het digitale bouwproductenpaspoort verwijzen, op het hele platform in één zoekopdracht.
Doorzoek de Canon

Krijg het volledige Brubru-platform

Gratis 14-daagse proefversie. Geen kaart nodig.

Gratis proefversie starten