Brubru
EU-beleidsinteli gence
Brubru gratis proberen
EU Canon / EU Pharmaceutisch Recht

De Verordening wezen- en zeldzame geneesmiddelen

Verordening (EG) nr. 141/2000 bepaalde de fundamentele deal van de EU met betrekking tot geneesmiddelen voor zeldzame ziekten: een aanwijzingsprocedure van de Gemeenschap en een reeks stimulering in ruil voor de ontwikkeling van producten voor aandoeningen die zo zeldzaam zijn dat de industrie O&O-kosten niet zou terugverdienen onder normale marktomstandigheden. Gemodelleerd naar de Amerikaanse Orphan Drug Act van 1983.

Aangenomen 16 december 1999 PB L 18, 22.1.2000, blz. 1-5 CELEX 32000R0141 Art. 95 TEC (nu Art. 114 VWEU)
Medische onderzoeker in een laboratorium onderzoekt farmaceutische monsters onder gecontroleerde omstandigheden
Foto: Tima Miroshnichenko via Pexels | Onderzoek naar zeldzame ziekten: de Europese orphan-regeling biedt gerichte stimulering om de economie van ontwikkeling haalbaar te maken
5 / 10.000
Prevalentiegrens
Art. 3, lid 1, onder a): een aandoening moet niet meer dan 5 personen per 10.000 in de Gemeenschap treffen om voor aanwijzing op basis van prevalentie in aanmerking te komen.
10 jaar
Marktexclusiviteit
Art. 8, lid 1: na verlening van een handelsvergunning wordt gedurende 10 jaar geen handelsvergunning voor een soortgelijk concurrerend product voor dezelfde indicatie aanvaard (reduceerbaar tot 6 jaar als het product sufficiënt winstgevend wordt).
90 dagen
COMP-advies termijn
Art. 5, lid 5: het Comite voor wezen- en zeldzame geneesmiddelen (COMP) moet zijn advies uitbrengen binnen 90 dagen na ontvangst van een geldige aanvraag; bezwaar ook binnen 90 dagen (Art. 5, lid 7).
30 dagen
Commissiebesluit
Art. 5, lid 8: de Commissie moet haar aanwijzingsbesluit nemen binnen 30 dagen na ontvangst van het COMP-advies en het product inschrijven in het Gemeenschapsregister.

Overzicht

het stimuleringskader van de EU voor ontwikkeling van geneesmiddelen tegen zeldzame ziekten

De deal voor wezen- en zeldzame geneesmiddelen

Zeldzame aandoeningen treffen zo weinig patiënten dat onderzoeks- en ontwikkelings kosten voor een gericht geneesmiddel normaal niet kunnen worden terugverdiend op de commerciële markt. Overweging 1 van Verordening (EG) nr. 141/2000 erkent dit rechtstreeks: patiënten met zeldzame aandoeningen verdienen dezelfde kwaliteit behandeling als anderen, maar de zeldzaamheid van de aandoening is zelf het economische obstakel voor ontwikkeling.

De EU bood een gestructureerde deal: sponsors die geneesmiddelen voor kwalificerende zeldzame aandoeningen ontwikkelen, ontvangen een pakket van stimulering dat de commerciële haalbaarheid van het project verbetert. In ruil daarvoor verwerft de Gemeenschap behandelingen die de markt anders niet zou voortbrengen. De deal werkt op Gemeenschapsniveau in plaats van op lidstaatniveau, en maakt gebruik van de volledige breedte van de interne markt van de EU om de effectieve patiëntenpopulatie te maximaliseren en verstoringen tussen nationale orphan-regelingen te voorkomen (overwegingen 2 en 3).

Het model werd expliciet ontleend aan de Amerikaanse Orphan Drug Act van 1983 en Japans equivalent van 1993, beide genoemd in overweging 2. Dit was de eerste keer dat de EU een alomvattend stimuleringskader op Gemeenschapsniveau voor geneesmiddelen tegen zeldzame ziekten invoerde.

Rechtsgrondslag en procedure

De verordening is gebaseerd op artikel 95 EG-Verdrag (thans artikel 114 VWEU, interne markt-benadering). De verordening werd aangenomen volgens de medebeslissingsprocedure onder artikel 251 EG-Verdrag, ondertekend door EP-voorzitter Nicole Fontaine en Raadsvoorzitter Kimmo Hemilä (Fins voorzitterschap) op 16 december 1999, en gepubliceerd in PB L 18 op 22 januari 2000. De verordening trad in werking op de datum van publicatie en was van toepassing op de datum van aanneming van de uitvoeringsverordeningen.

De verordening is rechtstreeks van toepassing in alle lidstaten. Haar 11 overwegingen leggen de beleidslogica uit; haar 11 artikelen bepalen de uitvoeringsregels. Gedetailleerde uitvoeringsregels over de criteria voor aanwijzing, definities van 'soortgelijk geneesmiddel' en 'therapeutische superioriteit' waren gedelegeerd aan de Commissie en zijn vastgesteld als Verordening (EG) nr. 847/2000 van de Commissie.

Toepassingsbereik en huidige stand (gewijzigd)

De verordening bepaalt een aanwijzingsprocedure van de Gemeenschap (afzonderlijk van handelsvergunning) en een pakket stimulering voor geneesmiddelen voor zeldzame aandoeningen. Belangrijkste wijzigingen en punten over huidige stand:

  • Verordening (EG) nr. 847/2000 van de Commissie bepaalde de uitvoeringsregels (criteria voor aanwijzing, definities van 'soortgelijk geneesmiddel' en 'klinische superioriteit').
  • Verordening (EG) nr. 596/2009 bracht comitobepalingen in overeenstemming met het Verdrag van Lissabon.
  • Het agentschap is nu het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA), dat na Brexit naar Amsterdam is verhuisd.
  • De basis voor centralisatieprocedure is thans Verordening (EG) nr. 726/2004, ter vervanging van Verord. 2309/93.
  • Op grond van Verordening (EG) nr. 1901/2006 over geneesmiddelen voor pediatrisch gebruik, artikel 37, ontvangt een geneesmiddel voor wezen- en zeldzame aandoeningen dat een vastgesteld Pediatrisch Onderzoeksplan voltooid heeft een verlenging van 2 jaar, wat de marktexclusiviteit op 12 jaar brengt.
  • De hervorming van EU-farmacologie 2023 (voorlopige overeenkomst 11 december 2025) stelt voor Verord. 141/2000 te vervangen door een nieuwe verordening die marktexclusiviteit moduleert, de test voor niet-ingevuld behoefte aanscherpt, en bonussen creëert voor wezen- en zeldzame geneesmiddelen met grote niet-ingevulde behoeften. Rapporteurs: Dolors Montserrat (Richtlijn) en Tiemo Wölken (Verordening).

Het stimuleringspakket

vier onderling verbonden stimulering aangeboden aan sponsors in ruil voor O&O voor zeldzame ziekten

1
Aanwijzing als wezen- en zeldzaam geneesmiddel
Art. 5: een COMP-gedreven aanwijzingsprocedure verleent de status 'geneesmiddel voor wezen- en zeldzame aandoeningen' en inschrijving in het Gemeenschapsregister. Aanwijzing kan op elk moment van de ontwikkeling verkregen worden, voor de handelsvergunningsaanvraag.
2
Marktexclusiviteit
Art. 8: 10-jarige marktexclusiviteit na handelsvergunning (reduceerbaar tot 6 jaar; verlengbaar tot 12 met een voltooid Pediatrisch Onderzoeksplan onder Verord. 1901/2006 als gewijzigd). Geen soortgelijk product voor dezelfde indicatie mag gedurende deze periode worden erkend.
3
Protocolbijstand
Art. 6: wetenschappelijk advies van het Agentschap over de kwaliteits-, veiligheids- en effectiviteitstests en -onderzoeken nodig om naleving van eisen aan te tonen. Dit is een onderscheidend stimuleringselement specifiek voor wezen- en zeldzame geneesmiddelen dat ontwikkelingsrisico vermindert.
4
Centralisatieprocedure & vrijstellingen
Art. 7: sponsors van wezen- en zeldzame geneesmiddelen kunnen de centralisatieprocedure voor handelsvergunning gebruiken zonder geschiktheid te hoeven rechtvaardigen. Vrijstellingen of verminderingen van vergoedingen worden gefinancierd door bijzondere Gemeenschapsbijdrage aan het agentschap, wat autorisatiekosten verlaagt.
5
Nationale en Gemeenschapsstimulering
Art. 9: geneesmiddelen met aanwijzing voor wezen- en zeldzame aandoeningen komen in aanmerking voor Gemeenschapsonderzoekshulp (inclusief O&O-hulp voor KMO's) en lidstaatstimulering. Lidstaten moeten hun maatregelen aan de Commissie melden, die een inventaris publiceert en bijwerkt.
6
Jaarlijkse ontwikkelingsmeldingen & overdrachten
Art. 5, leden 9-10: sponsors van aangewezen producten moeten jaarlijkse ontwikkelingrapporten aan het agentschap indienen. Aanwijzingen kunnen aan een andere sponsor worden overgedragen, wat belangrijk kan zijn bij overnames en licentieverlening.

Waarom actie op Gemeenschapsniveau?

Overweging 3 verklaart de logica: actie op lidstaatniveau zou de effectieve markt fragmenteren. Door een enkele EU-wijde aanwijzing en een enkele EU-wijde marktexclusiviteitstermijn in te stellen, integreert de verordening de patiëntenpopulaties van alle lidstaten in één markt, wat de rendabiliteit van de investeringscase voor sponsors verbetert. Het alternatief was een mozaïek van nationale orphan-regelingen, die zonder harmonisatie verstoringen van de markt en rechtsonzekerheid veroorzaakten.


De 11 artikelen

een kort regelkader: doel, comite, procedure, stimulering en inwerkingtreding

Art. 1 - Doel

De verordening bepaalt een procedure van de Gemeenschap voor aanwijzing van geneesmiddelen als geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen en biedt stimulering voor hun onderzoeks- en ontwikkeling en ter plaatsing op de markt. Zij bepaalt het kader waarbinnen sponsors orphan-status kunnen aanvragen en behouden, en op basis waarvan de stimulering functioneert.

Art. 2 - Definities

Vier kernbegrippen worden gedefinieerd:

  • Geneesmiddel: gedefinieerd door verwijzing naar Richtlijn 65/65/EEG (de eerste geneesmiddelenrichtlijn).
  • Geneesmiddel voor wezen- en zeldzame aandoeningen: een geneesmiddel aangewezen onder de criteria in Art. 3 waarvoor een aanvraag voor aanwijzing onder Art. 5 is ingediend.
  • Sponsor: elke natuurlijke of rechtspersoon gevestigd in de Gemeenschap die aanwijzing aanvraagt of aanwijzing bezit. Vestiging in de Gemeenschap is vereist.
  • Het Agentschap: het Europees Geneesmiddelenbureau voor de evaluatie van geneesmiddelen voor menselijk gebruik (EMEA, nu het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA)), het orgaan dat het COMP-secretariaat huisvest.
Art. 3 - Criteria voor aanwijzing

Aanwijzing vereist dat de sponsor twee elementen aantoont:

  • Onderdeel (a): het geneesmiddel is bestemd voor een levensbedreigende of chronisch invalidiserende aandoening die niet meer dan 5 personen per 10.000 in de Gemeenschap treft (de prevalentieroute); OF het is bestemd voor een levensbedreigende, ernstig invalidiserende of ernstige en chronische aandoening en zonder stimulering zou het waarschijnlijk niet zijn dat marketing voldoende opbrengst zou genereren (de ontoereikende-opbrengstroute).
  • Onderdeel (b): geen bevredigende methode ter diagnose, voorkoming of behandeling van de betrokken aandoening is in de Gemeenschap erkend; OF als zo'n methode bestaat, zal het geneesmiddel significant voordeel voor de betrokkenen hebben.

De Commissie werd bevolen uitvoeringsregels aan te nemen die de criteria nader bepalen (Art. 3, lid 2) - geleverd via Verordening (EG) nr. 847/2000 van de Commissie.

Art. 4 - Comite voor geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen (COMP)

Het COMP wordt ingesteld binnen het Agentschap. Samenstelling: één lid per lidstaat, plus 3 door de Commissie aangewezen vertegenwoordigers van patiëntenorganisaties, plus 3 door de Commissie aangewezen leden op aanbeveling van het Agentschap (teneinde deskundigheid op bepaalde gebieden in te brengen). Mandaten duren 3 jaar en kunnen eenmaal worden verlengd. Het COMP kiest zijn voorzitter voor een mandaat van 3 jaar, eenmaal verlengbaar. Het Agentschap levert het secretariaat. Leden handelen in het openbare belang en zijn gebonden aan beroepszwijgen. Het COMP:

  • Onderzoekt aanvragen voor aanwijzing en verwijdering uit het register.
  • Adviseert de Commissie over alle aangelegenheden betreffende geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen.
  • Helpt bij de ontwikkeling van internationale samenwerking op het orphan-gebied.
Art. 5 - Procedure voor aanwijzing en verwijdering

De volledige levenscyclus van een aanwijzing:

  • Sponsor dient aanvraag in bij het Agentschap op elk moment van de ontwikkeling voor indienen van handelsvergunningsaanvraag.
  • Het Agentschap voert een geldigheidstoets uit en bereidt een samenvattingsrapport voor het COMP voor.
  • COMP brengt advies uit binnen 90 dagen van ontvangst van geldige aanvraag, bij consensus of met 2/3 meerderheid; schriftelijke beoordelingen zijn opgenomen.
  • Sponsor kan heroverweging aanvragen binnen 90 dagen na kennisgeving van het advies.
  • De Commissie neemt een besluit binnen 30 dagen na ontvangst van het COMP-advies.
  • Positieve aanwijzingen worden ingeschreven in het Gemeenschapsregister voor geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen.
  • Sponsors moeten jaarlijkse ontwikkelingrapporten aan het Agentschap indienen.
  • Aanwijzingen kunnen aan een andere sponsor worden overgedragen.
  • Verwijderingsgronden: sponsoraanvraag; criteria niet meer vervuld; einde marktexclusiviteit.
Art. 6 - Protocolbijstand

Sponsors van aangewezen geneesmiddelen kunnen om wetenschappelijk advies van het Agentschap verzoeken over de uit te voeren tests en onderzoeken, en de studies die moeten worden uitgevoerd met het oog op het aantonen van kwaliteits-, veiligheids- en effectiviteitsgegevens. Deze protocolbijstand is een specifiek stimuleringselement gericht op vermindering van wetenschappelijk en regelgevingsrisico van orphan-geneesmiddelenentwickeling. Het gaat verder dan het normale wetenschappelijk advies beschikbaar voor alle sponsors onder de centralisatieprocedure.

Art. 7 - Handelsvergunning en vrijstellingen van vergoedingen

Sponsors van aangewezen geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen die een handelsvergunning aanvragen, komen automatisch in aanmerking voor de centralisatieprocedure zonder geschiktheid onder de criteria in toepasselijke Verord. 2309/93 (nu Verord. 726/2004) te moeten aantonen. Vrijstellingen of verminderingen van vergoedingen (geheel of gedeeltelijk) voor centralisatieprocedurediensten worden gefinancierd door bijzondere Gemeenschapsbijdrage aan het agentschapsbegroting. Het doel is kostenbarrières bij het aanvragen van EU-brede autorisatie weg te nemen.

Art. 8 - Marktexclusiviteit

De kerncommerciele stimulering. Zodra een handelsvergunning voor een geneesmiddel voor wezen- en zeldzame aandoeningen is verleend, aanvaarden, verlenen of handhaven de Gemeenschap noch de lidstaten gedurende een periode van 10 jaar handelsvergunning voor een soortgelijk geneesmiddel voor dezelfde therapeutische indicatie (Art. 8, lid 1).

Drie uitzonderingen staan concurrerende soortgelijke producten toe gedurende de exclusiviteitsperiode (Art. 8, lid 3):

  • (a) De houder van de oorspronkelijke aanwijzing geeft toestemming.
  • (b) De houder kan onvoldoende hoeveelheden van het product leveren.
  • (c) De tweede aanvrager kan aantonen dat het geneesmiddel veiliger, effectiever, of anderszins klinisch superieur is.

De exclusiviteitsperiode is reduceerbaar tot 6 jaar als aan het einde van jaar 5 de aanwijzingscriteria niet meer vervuld zijn (Art. 8, lid 2), onder meer als het geneesmiddel sufficiënt winstgevend is geworden. De Commissie werd bevolen 'soortgelijk geneesmiddel' en 'klinische superioriteit' in uitvoeringsregels te definiëren (Art. 8, lid 4) - geleverd via Verord. 847/2000.

Art. 9 - Overige stimulering

Geneesmiddelen met aanwijzing voor wezen- en zeldzame aandoeningen komen in aanmerking voor Gemeenschapsstimulering en -programma's, inclusief O&O-hulp voor KMO's. Lidstaten kunnen nationale stimuleringsmaatregelen vaststellen (belastingkortingen, subsidies, versnelde nationale vergoedingsproces) en moeten de Commissie van die maatregelen in kennis stellen. De Commissie publiceert en werkt een inventaris van alle nationale en Gemeenschapsstimulering bij.

Art. 10 - Algemeen verslag

De Commissie was verplicht een algemeen verslag over de ervaring opgedaan bij toepassing van de verordening uit te brengen tegen 22 januari 2006, in het bijzonder over het functioneren van het Gemeenschapsregister, ervaring met stimulering en algehele invloed op ontwikkeling van geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen. Dit onderzoek is naar behoren voltooid en heeft latere beleidsdiscussie geïnformeerd.

Art. 11 - Inwerkingtreding

De verordening treedt in werking op de dag van publicatie in het Publicatieblad van de Europese Unie (22 januari 2000). Zij is echter slechts van toepassing vanaf de datum van aanneming van de uitvoeringsverordeningen onder Art. 3, lid 2 (criteria voor aanwijzing) en Art. 8, lid 4 (definitie van soortgelijk geneesmiddel). Die uitvoeringsverordeningen zijn aangenomen als Verordening (EG) nr. 847/2000 van de Commissie.


Aanwijzingscriteria

de tweeledige test die een sponsor moet vervullen om orphan-status te verkrijgen

Twee routes naar onderdeel (a)

Artikel 3 biedt twee onafhankelijke routes voor kwalificering op de eerste limb:

  • De prevalentieroute (meest voorkomend): de aandoening is levensbedreigende of chronisch invalidiserende, en treft niet meer dan 5 personen per 10.000 in de Gemeenschap. Dit is een vaste grens die in de verordening zelf is bepaald.
  • De ontoereikende-opbrengstroute: de aandoening is levensbedreigende, ernstig invalidiserende of ernstig en chronisch, en - zonder stimulering - zou marketing niet voldoende opbrengst genereren om de investering te rechtvaardigen. Deze route dekt aandoeningen waar prevalentie hoger kan zijn maar commerciele haalbaarheid nog altijd ontbreekt vanwege de economie van de specifieke indicatie.

Elke route, in combinatie met onderdeel (b), voldoet aan de criteria voor aanwijzing.

Onderdeel (b): geen bevredigende methode of significant voordeel

De sponsor moet ook aantonen dat hetzij:

  • Geen bevredigende methode ter diagnose, voorkoming of behandeling van de aandoening is in de Gemeenschap erkend; of
  • Waar zo'n methode bestaat, het orphan-geneesmiddel significant voordeel voor de betrokkenen zal hebben.

Het begrip 'significant voordeel' is centraal in de praktijk: het dekt verbeterde doeltreffendheid, een beter veiligheids-/verdraagbaarheidsprofiel, of een meer handige toedieningsweg die in een klinisch zinvol verschil resulteert. De uitvoeringsverordening (Verord. 847/2000) definieert 'significant voordeel' en 'klinische superioriteit' in detail.

Aanwijzing versus handelsvergunning

Aanwijzing voor orphan-aandoeningen is een status verleend door de Commissie aan een product/indicatiecombinatie op elk moment van de ontwikkeling, voordat de handelsvergunningsaanvraag wordt ingediend. Dit is geen handelsvergunning. De twee procedures zijn opeenvolgend: eerste aanwijzing (via COMP), daarna afzonderlijk handelsvergunning (via CHMP onder centralisatieprocedure). Aanwijzing ontsluit de stimulering inclusief marktexclusiviteit - maar marktexclusiviteit begint pas met tellen na verlening van de handelsvergunning.


Het Comite voor geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen (COMP)

het wetenschappelijke comite binnen het Agentschap dat aanvragen voor aanwijzing onderzoekt

Samenstelling en bestuur (Art. 4)

Het COMP wordt ingesteld binnen het Agentschap (de EMEA zoals oorspronkelijk genoemd; nu EMA, Amsterdam). Het lidmaatschap:

  • Eén lid per lidstaat (vertegenwoordiging van nationale bevoegde autoriteitsexpertise)
  • Drie vertegenwoordigers van patiëntenorganisaties aangewezen door de Commissie
  • Drie leden aangewezen door de Commissie op aanbeveling van het Agentschap (om aanvullende deskundigheid in te brengen)

Alle leden vervullen verlengbare mandaten van 3 jaar. Het COMP kiest zijn voorzitter voor een mandaat van 3 jaar, eenmaal verlengbaar. Het Agentschap verleent het secretariaat. Leden handelen in het openbare belang en zijn onderworpen aan verplichte beroepszwijgen.

Rol onderscheiden van CHMP

Het COMP is niet het Comite voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik (CHMP). De twee comites zijn afzonderlijk binnen EMA en vervullen verschillende functies:

  • COMP: beoordeelt aanvragen voor aanwijzing tegen Art. 3-criteria; adviseert of een product als orphan kwalificeert; onderhoudt het Gemeenschapsregister. Haar uitkomst is een aanwijzingsadvies.
  • CHMP: beoordeelt aanvragen voor handelsvergunning onder centralisatieprocedure; beoordeelt kwaliteits-, veiligheids- en effectiviteitsgegevens. Haar uitkomst is een handelsvergunningsadvies.

Voor een orphan-geneesmiddel zijn beide comites betrokken op verschillende stadia: COMP eerst (aanwijzing), dan CHMP (autorisatie). Aanwijzing door COMP beïnvloedt of voorvoedt niet de onafhankelijke wetenschappelijke beoordeling van CHMP.


Aanwijzingsprocedure en het Gemeenschapsregister

van aanvraag tot inschrijving in het register, en de levenscyclus van een aanwijzing

Op elk moment van ontwikkeling
Sponsor dient aanvraag voor aanwijzing in bij het Agentschap. Dit kan op elk moment voordat de handelsvergunningsaanvraag wordt ingediend - ook op het vroegste preclinische stadium. Het Agentschap toetst geldigheid.
Kort na indiening
Het Agentschap bereidt een samenvattingsrapport voor het COMP voor. Het rapport en ondersteunend dossier worden door het comite onderzocht.
Binnen 90 dagen (Art. 5, lid 5)
Het COMP brengt advies uit bij consensus of, waar consensus niet bereikt kan worden, bij tweederde meerderheid van zijn leden. Het advies bevat schriftelijke beoordelingen door het COMP en eventuele afwijkende opinies.
Binnen 90 dagen na kennisgeving (Art. 5, lid 7)
Sponsor kan heroverweging van een negatief advies aanvragen. Het COMP brengt een eindig advies uit binnen 90 dagen. Verzoekt sponsor geen heroverweging, dan blijft het oorspronkelijke advies gelden.
Binnen 30 dagen na COMP-advies (Art. 5, lid 8)
De Commissie neemt een besluit tot verlening of weigering van aanwijzing. Positieve besluiten leiden tot inschrijving in het Gemeenschapsregister voor geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen. Besluiten worden gepubliceerd.
Jaarlijks (Art. 5, lid 9)
De sponsor dient jaarverslag over ontwikkelingsvorderingen in bij het Agentschap. Niet-indiening kan herziening van de aanwijzing uitlokken.
Naar behoefte
Een aanwijzing kan aan een andere sponsor worden overgedragen (Art. 5, lid 10), uit het register worden verwijderd op sponsoraanvraag, of door het COMP worden herzien als aanwijzingscriteria niet meer vervuld zijn (Art. 5, lid 6). Marktexclusiviteit eindigt en product kan worden verwijderd wanneer de periode van 10 jaar (of gereduceerd) verloopt.

Marktexclusiviteit

de kerncommerciele stimulering: 10 jaar, reduceerbaar en verlengbaar

De 10-jarige basis (Art. 8, lid 1)

Zodra een handelsvergunning voor een geneesmiddel voor wezen- en zeldzame aandoeningen is verleend, aanvaarden de Gemeenschap en lidstaten gedurende een periode van 10 jaar geen handelsvergunning voor een soortgelijk geneesmiddel voor dezelfde therapeutische indicatie. Dit creëert een concurrentiebarrier breder dan een patent: het is een autorisatieexclusiviteit, betekenend dat een concurrent geen geldige handelsvergunning kan verkrijgen om een soortgelijk product voor dezelfde indicatie te verhandelen, ongeacht of er een patent bestaat.

Reductie tot 6 jaar (Art. 8, lid 2)

De periode van 10 jaar wordt gereduceerd tot 6 jaar als aan het einde van het vijfde jaar wordt vastgesteld dat het product niet meer voldoet aan de criteria waarop aanwijzing was verleend. Dit geldt waar het product sufficiënt winstgevend is geworden zodat voortzetting van de volledige 10-jarige periode niet meer gerechtvaardigd kan worden. De herziening wordt op het 5-jarige moment ingeleid, en de reductie gaat in plaats op jaar 6 als criteria niet meer vervuld zijn.

Verlenging tot 12 jaar (Verord. 1901/2006 Art. 37 - als gewijzigd)

Onder de Verordening (EG) nr. 1901/2006 over geneesmiddelen voor pediatrisch gebruik, artikel 37, ontvangt een product met orphan-aanwijzing dat ook een vastgesteld Pediatrisch Onderzoeksplan (PIP) heeft voltooid een verlenging van 2 jaar op de orphan-marktexclusiviteitsperiode. Dit brengt de basis van 10 tot 12 jaar voor producten met voltooid pediatrisch programma. De pediatrische verlenging is een latere wetgevingstoevoeging, geen onderdeel van de originele tekstVerord. 141/2000.

De drie uitzonderingen (Art. 8, lid 3)

Zelfs gedurende de exclusiviteitsperiode kan handelsvergunning voor een concurrerende soortgelijk product voor dezelfde indicatie worden verleend als aan één van drie voorwaarden is voldaan:

  • Toestemming: de houder van handelsvergunning voor eerste orphan-product geeft toestemming.
  • Leveringstekort: de houder kan onvoldoende hoeveelheden leveren om patiëntenvraag te vervullen.
  • Klinische superioriteit: tweede aanvrager kan aantonen dat product veiliger, effectiever, of anderszins klinisch superieur aan eerste product is. 'Klinische superioriteit' is gedefinieerd in Verord. 847/2000.

Deze uitzonderingen voorkomen dat exclusiviteit een absoluut monopolie wordt dat patiënten zou kunnen schaden door leveringstekort of onderdrukking van echt betere behandelingen.


Andere stimulering

Gemeenschapsprogramma's, nationale maatregelen en de inventaris

Stimulering van Gemeenschapsonderzoek (Art. 9)

Geneesmiddelen met orphan-aanwijzing komen in aanmerking voor Gemeenschapsonderzoeksprogramma's, inclusief financiële hulp bij onderzoek door kleine en middelgrote ondernemingen (O&O-hulp KMO). De verordening creëerde geen eigen programma's maar opende toegang tot bestaande en toekomstige Gemeenschapsinstrumenten voor aangewezen producten en hun sponsors.

Nationale stimulering (Art. 9)

Lidstaten kunnen aanvullende stimuleringsmaatregelen voor orphan-aangewezen producten die in hun grondgebied werken vaststellen, bijvoorbeeld belastingkortingen op O&O-uitgaven, verlaagde btw-tariven voor orphan-drugs, versnelde nationale vergoedingsprocedures, of vereenvoudigde markttoetredingsvereisten. Lidstaten moeten deze maatregelen aan de Commissie melden, die een inventaris samenstelt en onderhoudt die toegankelijk is voor sponsors die EU-breed ontwikkelingsstrategie overwegen.


Kernbegrippen (Art. 2)

de vier gedefinieerde termen waarop de uitvoeringsbepalingen berusten

Geneesmiddel

Gedefinieerd door verwijzing naar Richtlijn 65/65/EEG (de fundamentele geneesmiddelenrichtlijn van de EU, later vervangen door Richtlijn 2001/83/EG). De term dekt elke stof of combinatie van stoffen bedoeld ter behandeling, voorkoming of diagnose van ziekten bij mensen, of ter herstel, correctie of wijziging van fysiologische functies.

Geneesmiddel voor wezen- en zeldzame aandoeningen

Een geneesmiddel dat voldoet aan aanwijzingscriteria van Art. 3 en waarvoor geldige aanwijzingsaanvraag onder Art. 5 is ingediend (en goedgekeurd). De status is gebonden aan een specifieke product/indicatiepaar: dezelfde molecuul zou in principe meerdere aanwijzingen voor verschillende zeldzame indicaties kunnen houden.

Sponsor

Elke natuurlijke of rechtspersoon gevestigd in de Gemeenschap die aanwijzingsaanvraag indient of aanwijzing bezit (Art. 2). Vestiging in Gemeenschap is vereist, betekenend dat niet-EU-entiteiten die orphan-aanwijzing willen verkrijgen dit moeten doen via een entiteit gevestigd in Gemeenschap (dochteronderneming, licentiehouder of agent).

Het Agentschap

Het Europees Geneesmiddelenbureau voor de evaluatie van geneesmiddelen (EMEA) zoals oorspronkelijk in de verordening genoemd. Het Agentschap is nu het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA), dat na Brexit van Londen naar Amsterdam is verhuisd in 2019. Het Agentschap huisvest zowel het COMP-secretariaat als de CHMP.


Snelverwijzingstabel

kerngetallen, tijdlijnen en voorwaarden uit de operatieve bepalingen van de verordening

Element Waarde / regel Artikel Opmerking
Prevalentiegrens Niet meer dan 5 per 10.000 Art. 3, lid 1, onder a) Personen in de Gemeenschap; OF ontoereikende-opbrengstroute is van toepassing
COMP-advies termijn 90 dagen Art. 5, lid 5 Van ontvangst geldige aanvraag; bij consensus of 2/3-meerderheid
Heroverweningsverzoekvak 90 dagen Art. 5, lid 7 Sponsor kan heroverweging aanvragen binnen 90 dagen na kennisgeving negatief advies
Commissie-besluitvak 30 dagen Art. 5, lid 8 Van ontvangst COMP-advies; positieve besluiten leiden tot inschrijving in Gemeenschapsregister
Marktexclusiviteit: basis 10 jaar Art. 8, lid 1 Van handelsvergunning; geen soortgelijk product voor dezelfde indicatie
Marktexclusiviteit: gereduceerd 6 jaar Art. 8, lid 2 Als aan einde jaar 5 aanwijzingscriteria niet meer vervuld (product sufficiënt winstgevend)
Marktexclusiviteit: verlengd (als gewijzigd) 12 jaar Verord. 1901/2006 Art. 37 Als orphan-sponsor vastgesteld Pediatrisch Onderzoeksplan voltooid (+2 jaar)
Uitzondering: toestemming Toegestaan Art. 8, lid 3, onder a) Houder oorspronkelijke orphan-handelsvergunning geeft toestemming tweede aanvrager
Uitzondering: leveringstekort Toegestaan Art. 8, lid 3, onder b) Houder kan onvoldoende hoeveelheden patiënten in Gemeenschap leveren
Uitzondering: klinische superioriteit Toegestaan Art. 8, lid 3, onder c) Tweede product is veiliger, effectiever, of anderszins klinisch superieur; gedefinieerd in Verord. 847/2000
COMP-samenstelling: lidstaat-leden 1 per MS Art. 4, lid 3 Één lid per lidstaat van nationale bevoegde autoriteit
COMP-samenstelling: patiëntenvertegenwoordigers 3 Art. 4, lid 3 Door Commissie aangewezen uit patiëntenorganisaties
COMP-samenstelling: door Commissie aangewezen deskundigen 3 Art. 4, lid 3 Door Commissie aangewezen op aanbeveling Agentschap
COMP / Commissie-aangesteld mandaat 3 jaar, eenmaal verlengbaar Art. 4, lid 3 Voorzitter ook 3 jaar, eenmaal verlengbaar (Art. 4, lid 4)
Algemeen verslag termijn 22 januari 2006 Art. 10 Commissie-verslag over ervaring opgedaan in toepassing verordening

Wetgevings- en familiechronologie

van het Amerikaanse precedent van 1983 tot de hervormingsvoorstel 2023

1983
Verenigde Staten schrijven de Orphan Drug Act - het model expliciet aangehaald in overweging 2 van Verord. 141/2000. Japan volgt met gelijkwaardige wetgeving in 1993.
1993
Japan neemt orphan-geneesmiddelenwetgeving aan, aangehaald naast Amerikaanse Act in overweging 2 als bewijs van internationaal precedent voor Gemeenschapsactie.
16 december 1999
Verordening (EG) nr. 141/2000 aangenomen door het Europees Parlement en de Raad in Brussel. Ondertekend door EP-voorzitter Nicole Fontaine en Raadsvoorzitter Kimmo Hemilä (Fins voorzitterschap).
22 januari 2000
Gepubliceerd in PB L 18, blz. 1-5. Treedt in werking. Van toepassing vanaf aanneming van uitvoeringsverordeningen.
2000
Verordening (EG) nr. 847/2000 van de Commissie aangenomen: uitvoeringsregels over criteria voor aanwijzing, definities van 'soortgelijk geneesmiddel' en 'klinische superioriteit'.
2004
Verordening (EG) nr. 726/2004 over centralisatieprocedure vervangt Verord. 2309/93 als basisverordening voor Gemeenschapshandelsvergunningen. Art. 7 van Verord. 141/2000 cross-referentie bijgewerkt dienovereenkomstig.
2006
Verordening (EG) nr. 1901/2006 over geneesmiddelen voor pediatrisch gebruik aangenomen. Art. 37 verleent verlenging van 2 jaar op orphan-marktexclusiviteit (10 tot 12 jaar) voor producten met voltooid vastgesteld Pediatrisch Onderzoeksplan.
Januari 2006
Algemeen Commissie-verslag over ervaring opgedaan onder de verordening gepubliceerd, zoals vereist door Art. 10.
2009
Verordening (EG) nr. 596/2009 wijzigt Verord. 141/2000 om comitobepalingen in overeenstemming te brengen met herzien kader van Verdrag van Lissabon. Geen inhoudelijke wijziging van stimuleringsstructuur.
2019
EMA verhuist van Londen naar Amsterdam na Brexit. Het COMP en secretariaat verhuizen met het Agentschap; orphan-aanwijzingsprocedure is onveranderd.
April 2023
Commissie publiceert farmacologische hervormingspakket, inclusief voorstel om Verord. 141/2000 te vervangen door nieuwe orphan-verordening. Belangrijkste voorgestelde wijzigingen: modulaire exclusiviteit met gereduceerde basisperiode plus bonussen voor high-unmet-need orphans; aangescherpte 'significant voordeel' en unmet-need tests. Rapporteurs: Dolors Montserrat (Richtlijn), Tiemo Wölken (Verordening).
11 december 2025
Voorlopige politieke akkoord over farmacologische hervormingspakket 2023 bereikt tussen Europees Parlement en Raad. Het akkoord, indien aangenomen en gepubliceerd, zal Verord. 141/2000 vervangen. Verord. 141/2000 blijft van kracht tot vervangingswetgeving in werking treedt.

Woordenlijst

sleuteltermen in het kader voor geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen

Geneesmiddel voor wezen- en zeldzame aandoeningen
Een geneesmiddel aangewezen onder Art. 3 van Verord. 141/2000. Status is gebonden aan product/indicatiepaar en verleent toegang tot stimuleringspakket. Impliceert niet handelsvergunning.
Zeldzame ziekte
Een aandoening die niet meer dan 5 personen per 10.000 in de Gemeenschap treft (de prevalentiedefinitie). Er zijn naar schatting 6.000-8.000 zeldzame ziekten, waarvan de meerderheid genetisch van aard is.
COMP
Comite voor geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen. Wetenschappelijk comite binnen EMA verantwoordelijk voor beoordeling van orphan-aanwijzingsaanvragen en advisering van Commissie. Brengt adviezen uit binnen 90 dagen.
CHMP
Comite voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik. Afzonderlijk EMA-wetenschappelijk comite verantwoordelijk voor handelsvergunningsadviezen onder centralisatieprocedure. Onderscheiden van COMP; beoordeelt kwaliteits-, veiligheids- en doeltreffendheidsgegevens.
Marktexclusiviteit
Een periode van 10 jaar (Art. 8, lid 1) na handelsvergunning gedurende welke geen soortgelijk product voor dezelfde indicatie mag worden erkend. Onderscheiden van octrooibescherming; kan gelijktijdig met, of onafhankelijk van octrooirechten werken.
Significant voordeel
Een klinisch relevant voordeel of grote bijdrage aan patiëntenzorg boven bestaande erkende methode. Gedefinieerd in detail in Verordening (EG) nr. 847/2000 ter uitvoering van Verord. 141/2000.
Klinische superioriteit
Basis voor uitzondering Art. 8, lid 3, onder c): tweede product is veiliger, effectiever, of anderszins klinisch superieur aan eerste orphan-product. Ook gedefinieerd in Verord. 847/2000.
Protocolbijstand
Wetenschappelijk advies van EMA onder Art. 6 over tests, onderzoeken en studies nodig om kwaliteits-, veiligheids- en doeltreffendheidsgegevens aan te tonen. Intensiever dan ordentelijk wetenschappelijk advies; specifieke stimulering voor orphan-sponsors.
Gemeenschapsregister
Het openbare register van aangewezen geneesmiddelen voor wezen- en zeldzame aandoeningen gehouden door Commissie. Inschrijving volgt positief Commissiebesluit. Verwijderingsgronden: sponsoraanvraag, criteria niet meer vervuld, einde exclusiviteit.
Centralisatieprocedure
De EU-wijde handelsvergunningsroute beheerd door EMA onder Verord. (EG) 726/2004 (ter vervanging van Verord. 2309/93). Orphan-producten kunnen deze procedure gebruiken zonder geschiktheid te hoeven rechtvaardigen (Art. 7). Leidt tot enkele autorisatie geldig in alle lidstaten.
Sponsor
Elke natuurlijke of rechtspersoon gevestigd in de Gemeenschap die aanwijzingsaanvraag indient of aanwijzing bezit (Art. 2). Vestiging in Gemeenschap is formeel vereiste.
Ontoereikende-opbrengstroute
Het tweede pad onder Art. 3, lid 1, onder a): aandoening is levensbedreigende, ernstig invalidiserende of ernstig en chronisch, en zonder stimulering zou marketing niet voldoende opbrengst genereren om ontwikkeling te rechtvaardigen. Dekt aandoeningen waar prevalentie hoger kan zijn dan 5/10.000 maar commerciele haalbaarheid nog altijd ontbreekt.

Navigeer EU-farmacologisch recht met Brubru
Chat met onze AI, volg orphan-geneesmiddelenprocedures, analyseer de hervorming 2023, en ontvang beleidswaarschuwingen - alles op een plaats.
Begin gratis proefperiode

Officiële bronnen

primaire bronnen voor verordening en huidige stand

EUR-Lex: CELEX 32000R0141

De samengevoegde tekst van Verordening (EG) nr. 141/2000 op EUR-Lex, inclusief volgende wijzigingen (Verord. 596/2009). Bevat volledige operatieve tekst, overwegingen en PB-referenties.

Open op EUR-Lex

EMA: Orphan-aanwijzing

Pagina van het Europees Geneesmiddelenbureau COMP vermeldt aangewezen producten, gepubliceerde adviezen en begeleiding bij aanvraag van orphan-aanwijzing. Het EMA-orphan-register is openbaar toegankelijk en bijgewerkt met elk Commissiebesluit.

EMA Orphan-aanwijzingen

Uitvoeringsregels: Verord. 847/2000

Verordening (EG) nr. 847/2000 van de Commissie stelt uitvoeringsregels vast over criteria voor aanwijzing en definities van 'soortgelijk geneesmiddel' en 'klinische superioriteit'. CELEX 32000R0847.

Verord. 847/2000 op EUR-Lex

Farmacologische hervorming 2023 (OEIL)

OEIL-procedurebestanden voor farmacologisch hervormingspakket 2023, welke voorstelt Verord. 141/2000 te vervangen door nieuwe verordening die orphan-exclusiviteit moduleert. Volg rapporteuractie, trialoog en voorlopige akkoordstatus.

OEIL-procedurefile



Verken met Brubru

gebruik AI-aangedreven tools van Brubru voor navigatie EU-farmacologisch recht en volg hervorming 2023

Vra Brubru Chat
Stel vragen over orphan-aanwijzingscriteria, marktexclusiviteit-uitzonderingen, COMP-procedure, hervorming 2023 of enig ander aspect van EU-farmacologisch recht. Krijg direct bronnen, expert-niveau antwoorden.
Open Chat
Amendator
Ontwerp en analyseer wetgevingswijzigingen aan de voorgestelde vervangingsverordening voor Verord. 141/2000, of farmacologische hervormingspakket terwijl het trialoog passeert.
Open Amendator
Mijn EU-Bubble
Volg farmacologische hervorming 2023, EMA COMP-adviezen en EU-beleid voor zeldzame ziekten in één gepersonaliseerde feed. Stel waarschuwingen in voor orphan-geneesmiddelenprocedureverplaatsingen.
Open Bubble
EU-recht Nalevingscheck
Voer nalevingsspoedenanalyse uit tegen Verord. 141/2000 en gerelateerde farmacologische wetgeving. Herken verplichtingen voor sponsors, bevoegde autoriteiten en lidstaten.
Controleer Naleving
EU-Canon bibliotheek
Blader alle diepgaande analysepagina's in EU-Canon bibliotheek - handelsmiddelen, financiële regulering, farmacologisch recht, dierengezondheid, AI en nog veel meer.
Blader Canon
Brubru API
Benader gestructureerde gegevens op EU-wetgevingsprocedures, kalendeurgebeurtenissen en beleidsintelligentie via Brubru API. Integreer farmacologisch-recht tracking in eigen tools.
Bekijk API Docs